
Wetenschappelijke naam: Boaedon capensis (Dumeril & Bibron, 1854)
Nederlandse naam: Afrikaanse huisslang
Lengte volwassen dieren: Mannen gemiddeld 55-70cm, Vrouwen gemiddeld 70-100cm. Met uitzonderingen tot 130cm.
Temperament: Erg rustige en makkelijk te hanteren soort. Schemer en nacht actief.
Temperatuur: Overdag 22-32 ºC, Nacht niet beneden 18 ºC
Relatieve Vochtigheid: Tussen 40-60%.
Winterrust: Korte winterrust van 4 weken tussen de 15 en 17 ºC maar niet noodzakelijk.
Voortplanting: 1 tot 3 legsels van 8 tot 10 eieren per jaar. De jongen komen na 60-65 dagen uit bij een temperatuur van 27-29 ºC. Vrouwen slaan vaak het sperma v/d man op en kunnen zo tot 3 vruchtbare legsels per jaar produceren.
Leefomgeving: Te vinden in bijna alle type landschappen, van weide landschap, bossen en rotsachtige tot woestijnachtige gebieden. Het is een op de grond levende soort die ook wel in lage bomen en struiken te vinden is.
Voedsel: Kleine knaagdieren, vogels, eieren, kikkers, hagedissen en jonge dieren zelfs insecten.
Mutaties: Albino T-, Albino T+, Hypomelanistic, en Ghost.
Localiteiten: Zululand phase. Boaedon capensis worden vaak verward met B. fuliginosis, B. lineatus en B. maculatus. Deels veroorzaakt door interbreeding.
Verspreidingsgebied: Zuidelijk Afrika.